|
Abdij van 't Park |
|
Abtsvertrekken
In 1724 achtte abt-bouwheer Hieryonimus de Waerseggere (1719-1730) de tijd gekomen om zijn persoonlijke vertrekken aan te passen aan de heersende mode. Tevens wilde hij aan de buitenwereld het aanzien en de rijkdom tonen die zijn abdij bij het begin van de 18de eeuw genoot. Representatief hiervoor waren de twee nieuw ingerichte salons (het groen salet en het roze salon) en vier opeenvolgende staatsiezalen met grote vensters. Hier verwelkomde de abt, als vertegenwoordiger van de geestelijke stand bij de Staten van Brabant en als visitator van de universiteit, kerkelijke en wereldlijke hoogwaardigheidsbekleders. In de eerste zaal herinnert een 15de-eeuwse gotische haard in witte steen aan de voorgeschiedenis van dit gedeelte van de abdij. Tussen de zware moerbalken van het plafond bracht de uit de Verenigde Provinciën afkomstige Jan-Christiaan Hansche in 1679 in prachtig stucwerk de "Hemelvaart van Maria" aan. In het glas van de deur links van de haard staat het abdijwapen afgebeeld met de beroemde "parkbloempjes", een zeldzaam bloemetje (vogelmelk), met een sterke concentratie op het parkdomein.
|
|
|